Het seizoen laat zich steeds minder in de piekweken vangen

De zomervakantie van 2026 ligt achter ons en levert een beeld op dat afwijkt van wat we gewend zijn. Niet de traditionele piekweken zorgen voor de groei, maar juist de weken aan het begin en het einde van de vakantieperiode. Dat sluit aan op een patroon dat zich dit hele jaar al aftekent: gasten spreiden hun verblijven en wijken uit naar momenten die minder duur of minder druk zijn. Tegelijkertijd blijft de vraag vanuit Duitsland in het naseizoen achter, net als in eerdere perioden. Voor de herfstvakantie komt daar een extra laag bovenop. De kalender valt dit jaar fundamenteel anders dan vorig jaar, waardoor een vergelijking op totaalniveau nauwelijks nog betekenis heeft.
De cijfers in deze analyse zijn afkomstig uit LeisurePeaks en gebaseerd op toeristische reserveringen met een maximale verblijfsduur van 56 nachten in de periode vanaf Pasen tot en met september 2026. Jaar- en seizoensboekingen zijn buiten beschouwing gelaten. Voor de zomervakantie kijken we terug op de boekingsstand ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar. Voor het naseizoen en de herfstvakantie gaat het om de huidige boekingsstand, vergeleken met hetzelfde meetmoment vorig jaar.
Zomervakantie: groei in de weken die het normaal moeten hebben van de rest
Over de hele zomervakantie is het beeld positief, maar achter het totaal gaan duidelijke verschillen schuil. Bij Nederlandse gasten ligt de boekingsstand voor zowel kamperen als verhuur 4,4% hoger dan vorig jaar. De Duitse markt laat een gemengd beeld zien: kamperen groeit met 4,7%, terwijl verhuur 8,1% achterblijft.
De groei is bovendien ongelijk over de weken verdeeld. Bij Nederlandse gasten zit het verschil vooral in week 1 en week 2, voor zowel kampeerplaatsen als verhuuraccommodaties. Bij Duitse gasten zien we de sterkste groei juist aan de andere kant van de vakantie: week 8 komt ruim 30% hoger uit dan vorig jaar. Dat is opvallend, omdat dit historisch gezien juist de weken zijn die het normaal gesproken moeten hebben van de rest van de zomervakantie.
Voor de Duitse verschuiving richting week 8 vormt de kalender een belangrijke verklaring. Noordrijn-Westfalen ging dit jaar een week later op vakantie, waardoor een deel van de vraag automatisch naar achteren schoof. De Nederlandse groei aan de voorkant laat zich minder eenvoudig door de kalender verklaren. Waarschijnlijk speelt prijs hier een belangrijke rol. De randweken zijn goedkoper dan de piekweken van de zomervakantie en daardoor aantrekkelijker in een jaar waarin de gemiddelde prijs per overnachting stevig is gestegen. De vraag concentreert zich zo minder sterk op enkele topweken.
Naseizoen: verhuur presteert beter dan kamperen
Voor het naseizoen, de periode tussen de zomer- en herfstvakantie, is het beeld minder gunstig. Bij Nederlandse gasten blijft verhuur vrijwel op het niveau van vorig jaar (-0,3%), maar loopt kamperen 5,5% achter. Bij Duitse gasten bedraagt de achterstand 10,8% bij kamperen en 8,6% bij verhuur. De terugval is dus het sterkst bij Duits kamperen, terwijl alleen de Nederlandse verhuur stabiel blijft.
Anders dan in de zomer speelt de kalender in september nauwelijks een rol. Vooral de Duitse vraag blijft achter, maar ook het Nederlandse kamperen is niet vanzelfsprekend op niveau. Hogere tarieven kunnen daarbij een rol spelen, mede door de verhoogde btw op verhuur. In het naseizoen boeken gasten bovendien relatief laat. De huidige achterstand is daarom niet per definitie een voldongen feit, maar wel een signaal dat opvolging verdient.
Herfstvakantie: meer spreiding ten opzichte van vorig jaar
De herfstvakantie vraagt dit jaar om een zorgvuldige interpretatie. In 2025 vielen de vakanties in Nederland, Noordrijn-Westfalen en Nedersaksen vrijwel volledig samen. Daardoor ontstond een korte, scherpe piek van zeventien nachten waarin de Nederlandse en Duitse vraag zich sterk concentreerde.
In 2026 valt die overlap uiteen. De Nederlandse herfstvakantie loopt van vrijdag 9 tot en met zondag 25 oktober. Nedersaksen volgt dezelfde periode, terwijl Noordrijn-Westfalen een week later begint en doorgaat tot en met zondag 1 november. De vakantieperioden van beide Duitse deelstaten beslaan samen daardoor drie weken en 24 nachten, tegenover zeventien nachten vorig jaar. De laatste Duitse vakantieweek valt bovendien volledig buiten de Nederlandse herfstvakantie.
De langere vakantieperiode biedt daardoor in principe meer verkoopbare nachten. Juist daarom valt de huidige boekingsstand op: ondanks de extra capaciteit blijft deze in alle segmenten achter. Bij Nederlandse gasten is het verschil het grootst bij kamperen (-12,6%), terwijl verhuur 3,9% achterloopt. Bij Duitse gasten zien we het omgekeerde: kamperen blijft 5,9% achter en verhuur 15,5% achter. De achterstand is daarmee niet uitsluitend een Duits verhuurvraagstuk; ook het Nederlandse kamperen vraagt nadrukkelijk aandacht.
Door de grotere spreiding neemt de kans op een volgeboekt park af, is er minder urgentie om vroeg te reserveren en kan de pickup later op gang komen. Toch lijkt dat niet de volledige achterstand te verklaren. De gemiddelde prijs per overnachting ligt eveneens hoger dan vorig jaar. De herfstvakantie biedt dus meer beschikbare nachten, maar die ruimte vult zich niet vanzelf.
Wat doe je hiermee als recreatieondernemer?
De rode draad van 2026 is spreiding. Gasten wijken uit naar rustigere en goedkopere momenten en boeken later wanneer er voldoende beschikbaarheid is. Dat biedt kansen, maar vraagt om specifieke sturing op product, periode en doelgroep.
Beoordeel de herfstvakantie daarom niet als één blok, maar per week, herkomstgebied en verblijfsproduct. De Nederlandse en Duitse vakantieperioden vallen dit jaar niet meer volledig samen en ook binnen Duitsland is de vraag over meer weken verdeeld. Bovendien ontwikkelen kamperen en verhuur zich niet gelijk. Houd er rekening mee dat de pickup later op gang kan komen. Trek niet te snel conclusies uit een tussenstand, maar bepaal vooraf wanneer en bij welke achterstand je wilt bijsturen.
Richt die bijsturing op de nachten en segmenten die achterblijven. Een generieke actie over de hele periode heeft weinig zin; pas prijs en marketing gericht aan waar de ruimte daadwerkelijk zit. De Duitse vraag blijft een belangrijk aandachtspunt van dit seizoen. Sinds Hemelvaart zien we daar vrijwel iedere periode een achterstand. Tegelijkertijd laat de terugval bij Nederlands kamperen zien dat ook andere segmenten structureel moeten worden gevolgd. Dat vraagt om een beoordeling van prijsstelling, propositie, zichtbaarheid en boodschap per doelgroep.
Uw nieuws op de website
Heeft u interessant nieuws of een bijzonder verhaal? Laat het ons weten via [email protected] of via deze handige upload module. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de lancering van een nieuw product, bedrijfsovername, de opening van uw nieuwe locatie, of wat te denken van het winnen van een award.
